“Op verschillende plekken zien we al mooie voorbeelden van zorgtechnologie waardoor ouderen langer zelfstandig kunnen wonen en tegelijkertijd onze artsen en verpleegkundigen ontlast worden”, stelt Jeroen Kleinjan, voorzitter van de Raad van Bestuur van Carintreggeland. “Een goed voorbeeld is Medido, een automatische medicijndispenser die een service centrale waarschuwt als een cliënt de medicatie niet heeft uitgenomen.”

Huidige stand

Toch constateert Kleinjan dat het nog niet overal is gelukt is om de innovatie in de ouderenzorg op een brede schaal toe te passen. “Er kan al heel veel, maar in de praktijk blijkt het moeilijk om alle mogelijkheden goed te benutten. Dat komt voor een deel doordat de aanpassing van de infrastructuur een forse investering vereist. Maar de belangrijkste drempel is naar mijn idee de cultuuromschakeling die moet plaatsvinden.”

Er kan al heel veel, maar in de praktijk blijkt het moeilijk om alle mogelijkheden goed te benutten

“Voor de meeste zorgverleners is ‘zorgen voor’ nog steeds iets dat je vooral met je handen doet”, schetst Kleinjan. “Zo zijn we opgevoed. Men is nog niet bekend met de alternatieven, die moeten zich nog bewijzen. Het ligt niet zozeer aan de ouderen die moeite hebben met computers en het bedienen van apparaten. De meesten hebben tegenwoordig een tablet of een iPad. Het zit vooral tussen de oren bij zorgverleners die een knop moeten omzetten in hun denk- en werkwijze.”

Mindset

Maarten van Rixtel van de Raad van Bestuur van Sensire herkent dit beeld. “De kosten zijn niet het grootste struikelblok. Als je echt wilt, kun je ermee starten. Waar we nog aan werken, is een nieuwe mindset bij zowel de ouderen en mantelzorgers als bij artsen en verpleegkundigen. Bij zorg verwachten zowel cliënten als zorgverleners nu nog fysieke zorg. We moeten hen uit hun comfortzone halen om bij zorg ook aan bijvoorbeeld digitale monitoring te denken.”

“Wat wij al veel gebruiken, is beeldbellen”, vervolgt Van Rixtel. “De cliënt is snel geholpen en de zorgverlener hoeft er meestal niet meer naar toe. Dat levert een enorme efficiencyverbetering op. Een paar jaar geleden was er bij medewerkers nogal wat weerstand omdat het ten koste zou kunnen gaan van de werkgelegenheid. Echter, door het groeiend tekort aan wijkverpleegkundigen horen we daar niets meer over.”

Toekomstverwachting

Gevraagd naar de toekomstverwachting, voorziet Van Rixtel dat de digitalisering van de infrastructuur de eerstkomende jaren enorm zal toenemen. “Je ziet die ontwikkeling ook in ziekenhuizen en bij huisartsen. Er wordt ook veel geïnvesteerd. Volgend jaar starten we met digitale medicatiecontrole en hebben bij ons alle medewerkers een iPad en een smartphone.”

“De cliënt staat steeds meer centraal in de zorgketen”, vult Kleinjan aan. “Er ontstaat een andere verhouding tussen cliënten en zorgverleners, waarbij we nieuwe technieken inzetten om de cliënt meer regie te geven zodat deze langer zelfstandig thuis kan wonen.

Er ontstaat een andere verhouding tussen cliënten en zorgverleners

Monitoring en sensoring kunnen ook mantelzorgers en familieleden ontlasten. Het stelt hen gerust als zij automatisch een waarschuwing krijgen als er iets niet goed gaat. Ouderen zelf moeten er soms aan wennen dat ze gevolgd worden, maar we merken dat ze het belangrijker vinden dat ze zich veilig voelen. We zeggen ook altijd: er zit een aan- en uitknop op, u bepaalt zelf wie er wanneer meekijkt.”

Wat zijn, ten slotte, de uitdagingen voor de komende jaren? Van Rixtel: “Wat ik heel spannend vind, is of het ons gaat lukken om als zorgorganisaties met onze cliënten en medewerkers in dezelfde mate vertrouwd te zijn met digitalisering. Zodat alle partijen even makkelijk omgaan met de digitale wereld.” Kleinjan: “Daar komt nog bij dat er nu wordt gewerkt met verschillende software en gesloten systemen van leveranciers.

De uitdaging is om dat beter te matchen, zodat de zorg voor ouderen en chronisch zieken met slimme oplossingen en digitalisering nog beter wordt. En natuurlijk dat het meerwaarde heeft voor cliënten en medewerkers.”